“Toezichthouder, benut je creativiteit”

Toezichthouders in het onderwijs hebben de afgelopen jaren een grotere maatschappelijke rol gekregen en dienen ook een algemeen belang. De coronacrisis onderstreept dat nog eens. Een precair, maar belangrijk onderwerp volgens Sietske Waslander, hoogleraar Sociologie bij TIAS.

Onderwijs is essentieel. Niet alleen omdat jongeren er kennis opdoen, maar ook omdat ze andere leeftijdsgenoten ontmoeten. “Ik bezoek en spreek regelmatig mensen van mbo’s, hbo’s en universiteiten en het valt me op dat er momenteel nauwelijks studenten op de campus zijn. En dat terwijl scholen een uitzonderingspositie hebben en er juist mogelijkheden zijn voor contactmomenten”, legt Waslander uit. Zo mogen studenten in de huidige gedeeltelijke lockdown gewoon gebruik maken van het ov en kan er in principe, net zoals in het primair en voortgezet onderwijs, les worden gegeven. “Toch is het er dit schooljaar angstvallig stil en dan vraag ik mij af, doen we eigenlijk wel genoeg voor studenten?”

Geen perspectief

Tijdens de lockdown in het voorjaar was het duidelijk, tijdens het resterende studiejaar zou vooral online les worden gegeven. Ook dit academisch jaar zal corona van grote invloed zijn, maar misschien daarna ook nog. “Ik maak mij zorgen om de studenten die nu vooral alleen thuis of op hun kamer achter hun beeldscherm zitten. Zonder perspectief wanneer het anders en beter wordt. Sociaal contact is niet alleen belangrijk voor de kwaliteit van het onderwijs en hun persoonlijke ontwikkeling, ook voor de motivatie is het essentieel. Ik vind het heel zorgelijk dat veel studenten nauwelijks onderwijs op locatie volgen. Bovendien hebben ze weinig alternatieven. Probeer nu maar eens een baantje te vinden. Dat valt niet mee.”

Nu is het op grote instellingen waar veel volwassenen samenkomen geen kwestie van gewoon even een mondkapje opzetten en dan kan iedereen weer naar college zoals vanouds. “Organisatorisch is het uitdagend”, beaamt Waslander. “Het maken van roosters is altijd al een logistieke puzzel, maar zeker nu een pittige klus geworden. Sommige colleges kunnen online worden gegeven, maar voor praktijkgerichte opleidingen is dat gedeeltelijk onmogelijk. Denk maar aan de opleiding fysiotherapie of wat denk je van proeven doen in een lab? Die lessen zijn hard nodig, maar het vraagt wel wat van roostermakers en docenten om ze te organiseren. Want stel dat je normaal gesproken met dertig leerlingen in het lab kunt, mag dat nu nog maar met vijf wat inhoudt dat die docent zes keer hetzelfde college moet geven.”

“Wordt er wel genoeg gedaan voor studenten?”

Dat de coronacrisis veel vraagt van onderwijsorganisaties en medewerkers staat vast. Er moeten ingrijpende keuzes worden gemaakt en dan is het belangrijk dat die op basis van visie van de organisatie worden gedaan. Volgens Waslander ligt hier een belangrijke taak voor toezichthouders. Zij zouden bestuurders moeten vragen of de visie nog overeenkomt met het huidige onderwijs, of de belangen van studenten voldoende gewicht krijgen in de afweging, en of er creatief genoeg wordt gekeken.  “Dat zijn geen makkelijke gesprekken. Er is de afgelopen maanden heel hard gewerkt om online onderwijs mogelijk te maken. Een deel van de docenten is al overbelast. Dan vraag je aan bestuurders of ze creatief genoeg zijn. Dat is lastig. Maar toch zijn de gesprekken hard nodig.”

Creatieve oplossingen

Volgens Waslander kan er gezamenlijk met de toezichthouders, maar ook schooloverstijgend naar oplossingen worden gezocht. “Toezichthouders hebben vaak een groot netwerk en komen vanuit hun werk weer op hele andere ideeën. En soms hebben scholen een goede oplossing gevonden, maar weten andere instellingen daar niks van en dat is natuurlijk hartstikke jammer. Alle creativiteit is nodig. Er is al veel gekeken hoe lessen goed kunnen aansluiten op het ov, maar kijk bijvoorbeeld eens naar leegstaande gebouwen als de capaciteit van een onderwijsinstelling onvoldoende is. Zo is er vast nog veel meer te bedenken. Ook door studenten zelf. Ik begrijp dat het een grote opgave is. Maar jongeren verdienen het dat alles uit de kast wordt gehaald om live onderwijs en perspectief te krijgen, zodat ze hier zo goed mogelijk doorheen komen.”


 

© TIAS

Sietske Waslander studeerde cum laude af in de sociologie en werkte onder meer voor de OECD in Parijs, als consultant en als hoogleraar bij de Rijksuniversiteit Groningen. Ze werkt sinds 2007 voor TIAS School for Business and Society, waar ze zeven jaar academic director van de Executive Master of Management in Education was. Op dit moment participeert ze in het GovernanceLAB, is ze verantwoordelijk voor een groot onderzoek naar sturing en governance in het onderwijs.